Casper, (Zebrasoma flavecens) is zowat de beroemdste vis in de wereld. Heel wat mensen volgen zijn leven op de voet.

Deze witte (gele) doktersvis, heeft opnieuw een geel vlekje. In 2015 werd hij al grotendeels geel, maar dat was slechts tijdelijk. Is dit het begin van een nieuwe gele fase?

Op een foto die World Wide Corals plaatste op zijn Instagramaccount is te zien hoe Casper een klein geel stukje heeft op zijn onderbuik. World Wide Corals is eigenaar van de unieke volledig witte Zebrasoma flavescens.

Die witte kleur dankt hij aan een afwijking van zijn pigmentcellen. Bij de foto vraagt World Wide Corals zich af of de gele kleur deze keer permanent zal zijn.

World Wide Corals gebruikt het dier als mascotte voor het bedrijf. Of Casper in de komende maanden volledig geel wordt, moeten we afwachten.

 

 

In 2016 werd voor het eerst een lijst opgesteld van uitheemse planten- en diersoorten die een bedreiging vormen voor de biodiversiteit in Europa. Die "zwarte lijst" werd nu aangevuld: in het totaal gaat het nu om 66 planten en dieren die niet mogen worden ingevoerd of gekweekt.

Regelmatig wordt de lijst aangevuld en gepubliceerd in het blad van de Europese Unie. Na de recente toevoeging van 13 planten en 4 dieren staat de teller momenteel op 66 "verboden" soorten. Daarvoor gelden op Europees niveau een aantal belangrijke verplichtingen. Zo ligt er een verbod op import, handel, bezit en kweek van de soorten en mogen ze niet worden vrijgelaten in de natuur. Daarnaast moeten de populaties beheerd of zonodig uitgeroeid worden.  

 

Op de nieuwe lijst staat onder meer de Lepomis gibbosus, of de zonnebaars (links). Dat is een Noord-Amerikaanse roofvis die vanwege zijn felle kleuren werd geteeld in Europa als vijver- of aquariumvis. Doordat er exemplaren zijn ontsnapt of uitgezet, komt de zonnebaars nu ook massaal voor in Vlaamse wateren. Dat zorgt ervoor dat andere vissen en amfibieën in de minderheid geraken. Ook de Plotosus lineatus, of de gestreepte koraalmeerval  (rechts), die giftig is voor de mens, werd aan de lijst toegevoegd. De gestreepte koraalmeerval is een straalvinnige vissensoort uit de familie van koraalmeervallen (Plotosidae).

Aan mensen die in het bezit zijn van planten of dieren van op de lijst wordt gevraagd om verdere uitbreiding van de soort te vermijden, maar ze hoeven ze niet te vernietigen.

 

In Europa's grootste zeeaquarium is gisteren (dinsdag 9 juli 2019) een brand uitgebroken. Oceanogràfic, gelegen in de Spaanse stad Valencia, moest rond 11.00 uur de poorten sluiten. Alle aanwezige bezoekers - zo'n 1400 personen - en medewerkers werden geëvacueerd. De populaire toeristische attractie bleef de rest van de dag gesloten.
De brand ontstond in het deel waar de haaien zwemmen. De toren zelf werd compleet verwoest door de vlammenzee maar het grootste probleem was de enorme zwarte rookwolk die ontstond als gevolg van de brand en was in de wijde omgeving te zien.
De oorzaak is nog niet bekend. Er raakten geen mensen of dieren gewond.

Foto’s: Levante

 

Het stadsbestuur van de stad Oostende heeft besloten om het Noordzeeaquarium onmiddellijk te sluiten voor het publiek. Dat laat het bestuur weten in een persbericht. Het gebouw is dringend aan renovatie toe, het is een in te slechte staat om nog langer uit te baten.

De voorbije legislatuur mikte men op een nieuw Noordzeeaquarium, maar daar is uiteindelijk niets van in huis gekomen.

Het dossier rond het Noordzeeaquarium kent al een lange geschiedenis met heel wat loze beloftes. Al in 2001 werden de eerste plannen gemaakt voor een nieuw aquarium. Er werden heel wat mogelijke locaties genoemd, maar uiteindelijk gingen de plannen nooit door. Ook in de vorige legislatuur werd geen oplossing gevonden voor het Noordzeeaquarium dat al 40 jaar bestaat op de Visserskaai.

Het gebouw is lange tijd in slechte staat en volgens schepen Björn Anseeuw zijn de problemen nu zo groot dat de veiligheid van bezoekers in het gedrang komt. “De voorbije maanden heb ik laten onderzoeken wat de mogelijkheden zijn met het gebouw en hoe we een mogelijke renovatie kunnen aanpakken. Daaruit is naar voren gekomen dat de technische installaties niet langer voldoen en dat het gebouw in een te slechte staat is om nog langer uit te baten”, licht de schepen toe. “We hebben beslist om het gebouw niet langer toegankelijk te maken voor publiek. Er zal wel verzorging zijn voor de dieren. We zullen ondertussen wel bekijken of de vissen naar een andere locatie kunnen overgebracht worden. Er is geen haast bij, maar de dieren moeten toch weg als we werken zouden aanvangen.”

 

Vandaag (zaterdag 22 juni 2019) is de Olmense Zoo heropend, met ook een nieuwe naam: Pakawi Park. Aftredend Vlaams minister van Dierenwelzijn Ben Weyts (N-VA) huldigde het park samen met de nieuwe eigenaars officieel in.

Sinds januari heeft het park twee nieuwe eigenaars: Wim Verheyen, zoon van de vroegere eigenaar, en Tommy Pasteels. Zij willen het park grondig vernieuwen. Zo hebben de bosbizons hun rechtmatige plaats in het bos gekregen, zodat er centraal in het park meer ruimte is voor de grote katachtigen. De tijgers Paka en Awi - die vernoemd werden naar het park - krijgen er een nieuw verblijf en de oude tijgerperken worden omgebouwd tot een groot chimpanseeverblijf.

Om het keerpunt in de geschiedenis van het park te symboliseren, werd het omgedoopt van Olmense Zoo tot Pakawi Park. De naam Pakawi verwijst naar het Swahili voor katachtige. Het dierenpark staat immers al jaren bekend om zijn verzameling grote katten zoals tijgers, leeuwen en luipaarden.

Bezoekers kunnen vandaag op deze openingsdag nog tot 1 uur ‘s nachts terecht in het park. Er staan onder meer muziekoptredens en kinderanimatie op het programma, maar ook roofvogeldemonstraties en voederpraatjes bij de dieren. Er worden zowat 2.000 bezoekers verwacht.

Nota: Van 10 t/m 13 november 2016 organiseerde Zilverhaai Beringen op deze locatie de Aquariumshow: Olmense Zoo Onder Water.

 

Bericht is hieronder verder aangevuld op 17/06/2019

Bericht is nog verder aangevuld op 11/05/2020 >  SN 134: 1,2 Miljoen...

Dit jaar zijn al 100.000-en Chinese wolhandkrabben gevangen in Kleine Nete in Grobbendonk en Westerlo. In de strijd tegen de Chinese wolhandkrab had de VMM met de universiteit Antwerpen in 2017 een nieuwe val ontwikkeld. Het systeem, waarbij de krabben door een gleuf in een metalen kist vallen, is met succes aan de vistrap in Grobbendonk geïnstalleerd.

 

Nieuwe val voor de Chinese wolhandkrab
De cijfers zeggen alles. Medewerkers van de VMM (Vlaamse Milieumaatschappij) schepten sinds het begin van dit jaar al ruim 220.000 krabben uit de val die vorig jaar is geïnstalleerd op de Kleine Nete,  bij de watermolen in Grobbendonk. “Het gaat om een soort brievenbus die op de bodem van de rivier is geplaatst”, legt Marc Florus van VMM uit. “De krabben kruipen over de bodem van de Kleine Nete en vallen in de gleuf. Dan is er geen weg terug, ze kunnen alleen nog naar de verzamelbakken op de oever. Daar worden ze verdoofd met kruidnagelolie en weggebracht voor vernietiging.”

De Chinese wolhandkrab is een invasieve krabbensoort uit Azië die sinds 1920 in de brakke en zoete waterlopen in Vlaanderen opduikt. De zoetwaterkrab heeft bij ons geen natuurlijke vijanden, waardoor de populatie ondertussen al zo groot is geworden, dat ze problemen veroorzaken in het aquatische ecosysteem.

Het zijn omnivoren en eten alles op wat ze op hun weg tegenkomen: bladafval, planten, dode vissen… Ze graven holen in de oevers en woelen in de rivierbodem, waardoor deze vatbaarder worden voor erosie. Dit kan een negatief effect hebben op de waterkwaliteit en ecologische toestand van onze rivieren.

Nieuwe val is efficiënt
Het is een metalen kist die eruit wat ziet als een brievenbus. Deze kist moet op de rivierbodem geplaatst worden, met de gleuf van de ‘brievenbus’ naar boven gericht. Rondom de kist komt er een helling vanaf de rivierbodem tot aan de gleuf.

De krabben zwemmen niet, maar kruipen over de bodem. Wanneer ze naar de monding van de waterlopen migreren om te paren, kunnen ze niet voorbij aan de brede ‘brievenbus’ en zullen ze via de gleuf in de bak vallen. Omdat ze niet kunnen zwemmen, kunnen ze er ook niet meer uit. De kist zal van de ene oever tot de andere oever reiken, waardoor ze er ook niet naast kunnen glippen.

De krabben zijn echter met duizenden en de ‘brievenbus’ gaat gauw vol zitten. Om dit te vermijden zal aan de zijkant van de kist een buis gemonteerd worden. De buis is binnenin bekleed met een ijzeren net voor een optimale grip.
Op zoek naar een uitweg zullen de krabben langs de buis naar boven kruipen. De buis zal naar de oever oplopen en daar uitmonden in een grote vergaarbak. Eens deze bak vol zit, hoeven de medewerkers van de VMM deze enkel leeg te scheppen en de krabben af te voeren. (vmm) Foto's archief Nnieuws/Guy Verellen.

17/06/2019: Nieuw en aansluitend bericht

De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) heeft sinds begin dit jaar liefst 715.000 Chinese wolhandkrabben gevangen in de speciale val die ze voor de beestjes heeft opgezet in Grobbendonk. Er komt nu zeker nog een val bij voor de exotische krabben, die volledige rivierbodems leegvreten. (Zie eerder bericht).
En wat doe je met 715.000 krabbenkarkassen? Vermalen, visvoer van maken of verkopen aan de Chinezen.

In het Graaf Visartpark in Brugge liep er zaterdagmiddag eentje doodgemoedereerd over een paadje. Een Chinese wolhandkrab. Gevaarlijk is zo’n beest niet, al ziet hij er bepaald indrukwekkend uit als hij zijn scharen omhoog zet om zich te verdedigen. Maar krabben? In Brugge?

“De Chinese wolhandkrab zit intussen overal, in alle waterlopen in Vlaanderen, dus ook in de Brugse Reien”, zegt Katrien Smet van de VMM. “Het is een invasieve exoot die hier ooit aangekomen is met het ballastwater van schepen uit China. Ze hebben geen natuurlijke vijanden, dus hun aantal neemt fors toe. En ze zijn zeer schadelijk voor onze waterlopen.”

Want zo’n krab knipt en vreet alles kaal op zijn wandeltochten over de bodem: planten, bladeren, dode vissen, noem maar op. De VMM, dat de onbevaarbare waterlopen beheert in Vlaanderen, bouwde daarom een val op de Kleine Nete in Grobbendonk. “Daar zijn sinds begin dit jaar 715.000 krabben in gelopen”, zegt Smet. “Dat is dubbel zo veel als het jaar voordien.”

715.000: het is een bijna niet te vatten cijfer. “Vooral als je weet dat we nog maar één zo’n val hebben”, zegt Smet. “Er moeten er dus miljoenen zitten in heel Vlaanderen.”

Brede brievenbus
De val is eigenlijk een soort brede brievenbus die met de gleuf naar boven over de volledige breedte op de bodem van de rivier ligt. De krab valt erin en kan er niet langs dezelfde manier weer uit. Dus zoekt hij een uitweg, en dat zijn buizen die naar een grote bak aan de rand van de rivier leiden.

“We laten ons personeel die bakken legen. Dat zijn mensen die anders ratten bestrijden”, zegt Smet. En dan? “Kruidnagelolie erover om ze te verdoven en dan worden ze verhakseld”, zegt Smet. “Maar omdat we steeds meer krabben vangen, lopen die verwerkingskosten stilaan op, samen met de personeelskosten. Toch is de bestrijding nodig, want de schade is anders te groot. We bouwen nog een tweede val, op de Kalkenvaart in Wichelen.”

Lekkernij in China
Dus is de VMM voorzichtig aan het bekijken of er andere mogelijkheden zijn voor de krabbenvangst. “Kunnen we er nog iets nuttigs mee doen? Misschien is er visvoer van te maken”, zegt Smet. “Er is ook iemand die ons gecontacteerd heeft en die zei dat hij de vangst wil commercialiseren. In het Verre Oosten zijn die beestjes een delicatesse. Wij gaan dat zelf alleszins niet doen: wij moeten gewoon de rivieren beheren.”

In Nederland zijn er al pogingen geweest om een export van Chinese wolhandkrabben op te zetten. Het is lang niet zeker of het hier ook kan: er zitten zware metalen in de bodem van onze rivieren, dus het is onduidelijk of je daar wel zomaar van kan eten. Dat er interesse is van lekkerbekken, is wel duidelijk. “Het slot op de krabbenbak is al eens geforceerd”, zegt Smet. “Iemand wou ervandoor gaan met onze vangst.”

 

In de vijvers van de Japanse Tuin in Hasselt is het visbestand in geen tijd verdubbeld. Dat gebeurde als promostunt voor de jaarlijkse koi-show die volgend weekend in Hasselt door gaat. Meer info:  https://bksshow.belgiankoisociety.eu/

 

 

De fijngevoeligheid van mariene organismen voor veranderingen in hun omgeving zou kunnen dienen als een bewakingssysteem voor de staatsveiligheid.
Als mens kunnen we soms uren vol verwondering naar de natuur staren. Een nieuw initiatief van het Amerikaanse agentschap van defensie wil de rollen nu omdraaien: het wil zeedieren inzetten om menselijke activiteit in het oog te houden. Bron: EOS wetenschap

Het agentschap wil weten of zeedieren, van piepklein lichtgevend plankton tot reusachtige zaagbaarzen (Epinephelus itajara), zouden kunnen ingezet worden als onderdeel van een soort beveiligingssysteem onder water. Dat systeem zou dan vijandige onderwaterdrones, grote nucleaire onderzeeërs en andere onderwatervoertuigen moeten opsporen. Het onderzoeksproject kreeg de naam Persistent Aquatic Living Sensors of kortweg PALS.

Lees meer...

 

 

Arabische onderzoekers hebben een zender ontwikkeld waarmee biologen vissoorten nauwkeurig en diep kunnen volgen. Volgens de makers zal de Marine Skin, zoals ze hun vinding hebben genoemd, een revolutie teweegbrengen in de studie van zeeleven.

Marine Skin is een dunne, lichtgewicht zender vol ingebouwde elektronika. Het geheel weegt niet meer dan een halve gram (drie gram inclusief 'siliconen jasje') en is al getest op roggen, haaien, zeebrasem en baarsachtigen. Zo kunnen biologen heel precies de bewegingen van de vis met een Marine Skin volgen, zoals zijn duikgedrag. Maar het systeem geeft ook informatie over de habitat van de vis, zeggen de onderzoekers van de Koning Abdullah Universiteit voor Wetenschap en Technologie (KAUST) in Saudi-Arabië.
Zo kunnen ook ecologen op basis van data van de zender vaststellen of de zee gezond is. De onderzoekers publiceerden hun bevindingen maandag in het wetenschappelijke tijdschrift Small.
bron: deingenieur.nl


De Marine Skin, bevestigd op een zeebrasem.

 

Komodo eiland in Indonesië blijft een jaar lang verboden gebied voor toeristen. Reden is de bescherming van de zeldzame komodovaranen (Varanus komodoensis).

Indonesië zet zijn 'drakeneiland' Komodo een jaar lang op slot. Het eiland ten oosten van Bali, waar duizenden komodovaranen hun thuis hebben, blijft in 2020 in principe een volledig jaar verboden gebied voor toeristen. Dat heeft de regering in Jakarta laten weten.

De dieren worden tot drie meter lang en meer dan 70 kilogram zwaar. De grootste hagedis ter wereld doodt dieren op een bijzondere manier, met gif dat ook dodelijk is voor de mens. Maar ondanks hun vrij agressieve reputatie zijn aanvallen op mensen zeldzaam. Vanwege hun donkere verschijning worden de varanen ook Komodo-draken genoemd. Er leven er zo'n 5.000 op het eiland.

Momenteel bezoeken ongeveer 10.000 mensen per jaar Komodo. Van de sluiting zou gebruikgemaakt worden om nieuwe bomen aan te planten.
Bron: Belga

 

Tussen het oude plastic in het Oceanic Plasticarium in het Tropenmuseum zwemmen geen vissen. Het tijdelijke aquarium wil bezoekers aan het denken zetten over de plasticsoep in de oceanen. In het aquarium drijven allerlei soorten wegwerpplastic. Dit afval is door een boot van Greenpeace uit de Grote Oceaan gehaald.

Tropenmuseum, Linnaeusstraat 2, Amsterdam (NL)

              In een kubusaquarium met ribben van 1,4 meter ziet de bezoeker de Grote Oceaan met afval, maar zonder vissen.
 

Canadese biologen hebben een organisme ontdekt dat chlorofyl kan produceren, maar niet aan fotosynthese doet.

Wie bladgroen zegt (of chlorofyl), zegt fotosynthese. Toch zijn er organismen mét bladgroenkorrels die er niks mee aanvangen.

Koraalriffen zijn hotspots van biodiversiteit. In en op de riffen leven duizenden verschillende dier-, planten- en schimmelsoorten in symbiose met elkaar. Een van de (in aantal) belangrijkste bewoners zijn de ‘corallicoliden’, eencelligen die behoren tot dezelfde familie als de malariaparasiet.

Canadese biologen hebben nu ontdekt dat de eencelligen, net als tal van (andere) bacteriën zoals cyanobacteriën en blauwalgen, over bladgroenkorrels beschikken (ook wel chlorofyl genoemd). Die vormen de kern van het fotosynthesemechanisme waarmee planten – en dus sommige micro-organismen – zonlicht en CO2 omzetten in voedingsstoffen, met als ‘uitstoot’ zuurstof.

Het bizarre is dat de corallicoliden helemaal niet aan fotosynthese blijken te doen. Integendeel, in plaats van hun energie uit zonlicht te halen, doen ze zich te goed aan de vele microscopische nutriënten die rondzweven in en rond de koraalriffen, die hun thuis vormt.

Nog vreemder is dat ook het DNA van de eencelligen volledig is uitgerust voor fotosynthese. Ze beschikken over alle benodigde genen. Klaarblijkelijk hebben die – en het verbonden chlorofylapparaat – dus nog een andere nuttige functie dan de fotosynthese. Welke functie dat dan mag zijn, daar hebben de onderzoekers het raden naar.
Bron: Eos Wetenschap


 

Subcategorieën